courgetteEncommunicatie

Journalisten lezen ook frankwatching

juli 1, 2008 · Geen Reacties

Vandaag heeft frankwatching.com mijn nieuwe artikel gepubliceerd. Het is een bewerkte versie van een artikel dat eerder hier verscheen.

Later op de dag werd het stuk opgemerkt door een journalist van Bizz , Reed Elseviers’ weblog voor ondernemers. Die het vervolgens aanhaalt in zijn artikel over hoe bedrijven journalisten beter kunnen bedienen als ze publiciteit zoeken.

→ No CommentsCategorieën: Uncategorized
Tagged: , , , ,

Ook journalisten zijn een doelgroep Of: een afgekeurde sollicitatiebrief

juni 24, 2008 · 1 Reactie

De aanleiding

Op een koude lentedag even buiten het historisch centrum, huisvest in een oud havenpand De Grote Blauwe Vis. Twee van oorsprong 3D designers hebben de Vis opgebouwd van een zolderkamer bedrijfje tot wat het nu is. Ze bieden de mogelijkheid om online reisgidsen te maken en te delen waarbij het gaat om respect voor de natuur en voor de lokale bevolking.

In de vergaderkamer, die tevens dienst doet als lunchruimte voor het snelgroeiende bedrijf, zitten de twee mannen. Ze voelen dat het nu tijd is om de volgende stap maken. Om door te kunnen groeien zullen ze zich meer naar buiten moeten richten. Niet alleen hun vrienden en daar weer vrienden van, hebben inmiddels een profiel aangemaakt, ook de concurrentie wordt voelbaar. Ze hebben publiciteit nodig.

Vrijdagmiddag, het was een langzame dag. Om wat meer brandstof voor mijn hersenen te krijgen, tik ik wat woorden in de zoekbalk van de meest gebruikte zoekmachine. Tussen de zoekresultaten staat de vacature voor online communicatieprofessional bij De Grote Blauwe Vis.

Op maandag werkte ik hard aan een brief die woensdag verstuurd zou worden. Dat had ik besloten. Geen brief die uitgebreid vertelt over mijn vorige posities, ik wil de lezer niet vervelen met de zoveelste brief volgens hetzelfde patroon. Nee, ik schrijf welke mogelijkheden ik zie om De Grote Blauwe Vis beter te laten worden dan de rest.

Op woensdag verscheen de mededeling “uw bericht is succesvol verzonden naar info@degroteblauwevis.nl” niet in mijn mailprogramma. De brief is nooit verzonden. Op woensdagochtend bleek de vacature van de website verdwenen, de selectie inmiddels gestart. Gefrustreerd schoof ik de brief aan de kant. Ik dacht aan alle tijd die ik erin gestoken had. Maar lang duurde mijn inzinking niet.

Wat ik De Grote Blauwe Vis te vertellen had, is interessant voor een grotere groep. En bruikbaar. Er zijn genoeg online bedrijven en bureaus die in de zelfde situatie zitten als De Grote Blauwe Vis.
Wat nu volgt is een bewerkte en uitgebreide versie van mijn afgekeurde sollicitatiebrief.

We gaan publiciteit zoeken

Aan de website zal het niet liggen. De mogelijkheden die veel online bedrijven bieden kunnen vaak het leven leuker en gemakkelijker maken. Neem het product van De Grote Blauwe Vis, online reisgidsen. We gaan steeds vaker op reis . Nu we gemakkelijker overal op internet kunnen, is zo’n reisgids handig. Ook de site ziet er toegankelijk uit, de webdesigner verstaat zijn vak. Technisch gezien loopt het soepel: de site laadt makkelijk en snel. “Laat de publiciteit maar komen, we zijn er klaar voor” klinkt het vanuit de vergaderzaal. Een stagiaire krijgt de taak contact te leggen met “de media”. Ze komt met ideeën hoe kranten, televisie, tijdschriften te benaderen voor wat free publicity. In de vele telefoontjes naar de pers, verwijst ze naar degroteblauwevis.nl voor meer informatie. Sommige journalisten zijn enthousiast geworden door haar verhaal. Enkele moeten, zo vlak voor de deadline, nog een rubriek vullen. Ze herinneren haar verhaal (de stagiaire heeft het goed gedaan).

Journalisten zijn net als bezoekers maar dan anders

Journalisten, redacteuren; het is niet een beroepsgroep die bekend staat om zijn geduld. Wanneer de journalist op de degroteblauwevis.nl aankomt, wil hij snel weten waar hij informatie kan vinden over het bedrijf. Wat hij ziet is hoe hij gemakkelijk een account kan aanmaken, in drie stappen. Welke nieuwe features er zijn. Een menu bovenaan de pagina. Ze brengen hem niet verder. Dan vindt hij onderaan een link naar “over ons”. De pagina opent met een foto van een vrolijke twintigster die lui-liggend- in- het- gras achter haar laptop bezig is. Blijkbaar is ze haar profiel aan het updaten. Over ons vertelt weinig over ons. Er is een telefoonnummer en een info@degroteblauwevis.nl

De redacteur heeft weinig tijd. Hij kan nu verder gaan zoeken naar achtergrondinformatie. Dit komt dan van andere sites wat niet altijd in het voordeel van De Grote Blauwe Vis kan werken. Of hij kan bellen met het telefoonnummer, hij krijgt een stagiair aan de lijn (een andere). Helaas, hij kan de journalist niet helpen. Of hij ziet van het artikel af. In dit keuzeperiode moet jij, De Grote Blauwe Vis, hem leiden. Zorg dat de journalist bij jou blijft. Ook dat is usability. Hoe doe je dat?

Communicatie is realiseren dat niet iedereen dezelfde behoefte heeft

Spreek met ontwerpers van websites over hun vak en al snel is “communicatie” hun vak. De gelikte webdesigns brengen, zo zeggen ze, conversaties op gang. Dat klopt. Er zijn steeds meer websites die je niet dwingen diep na te denken over hoe je hem gebruikt. Het is duidelijk wat ik hier kan doen en hoe ik de site kan gebruiken. Maar met een heldere vormgeving ben je er niet. De usabilityboeken en blogs schrijven dat gebruikersvriendelijkheid ook aandacht voor de doelgroep inhoudt. Om die te bereiken en de conversatie aan te gaan zul je zijn taal moeten spreken. Het enige punt dat in veel van deze boeken en blogs minder aandacht krijgt, maar juist voor een communicatiespecialist heel belangrijk, is dat een website niet één doelgroep maar meerdere doelgroepen kent.

Okay, journalisten zijn een doelgroep. Hoe help ik hen?

De Grote Blauwe Vis wil groeien en om dit te bereiken zoeken ze publiciteit. De website is nog steeds alleen gericht op mensen die een online reisgids willen aanmaken waar ze hun informatie over respectvol reizen kunnen delen. Ze vergeten dat journalisten een andere doelgroep zijn, met een andere informatiebehoefte.

De eerder genoemde journalist was geholpen als hij rechtsboven een link had gevonden met “Pers” of “Media”. De link verwijst naar de pagina die in het kort vertelt wie en wat De Grote Blauwe Vis is. Dit is niet het moment voor een wervende reclametekst of zinnen die volgestopt zijn met nietszeggend jargon. Waarvan verwacht wordt dat iedereen weet wát het betekent en hoe dat van toepassing is op De Grote Blauwe Vis.

Op deze pagina staan ook contactgegevens zoals een naam, telefoonnummer en emailadres van de persoon die je te woord kan staan. Geef eens een naam in plaats van een afdeling. Alex Dijkmeester is menselijker, toegankelijker. Mensen willen met mensen spreken. Zorg er vervolgens ook voor dat Alex bereikbaar is. Als Alex de general manager is, dan zal hij continue “besprekingen” hebben. De kans dat een journalist hem te spreken krijgt, is klein. Een andere persoon opnemen, werkt beter.

Wanneer er ook nog afbeeldingen beschikbaar zijn (hoge en lage resolutie) van bijvoorbeeld het logo, dan ben je al goed op weg. Bied ook eerder verschenen artikelen aan die over De Grote Blauwe Vis “in de pers”zijn verschenen. Zo lever je een compleet dossier aan, zonder dat de journalist er moeite voor heeft moeten doen. Dat heb jij al voor hem gedaan. Hij kan dan gemakkelijk die rubriek vullen, met die strakke deadline inzicht.

Dat is niet nieuw!

Het lijkt of ik met de een na de andere open deur in huis kom vallen. En dat is ook zo. Alleen kom ik weinig voorbeelden tegen waarvoor dit inderdaad open deuren zijn. Ik heb heel wat sites bezocht van web2.0 bedrijven, online marketingbureaus, bedrijven die een “totaal oplossing” bieden waarbij er ook aandacht is voor andere doelgroepen anders dan “de gebruikers”. In sommige gevallen vroeg ik mij zelfs af wie de doelgroep is. Ik denk zijzelf. Het niet onderkennen dat journalisten jouw doelgroep zijn, is het laten liggen van kansen. Als jij het de journalisten makkelijk maakt en ze op jouw site snel toegang geeft tot de benodigde informatie, dan zal dit alleen maar voor je werken.

Tot slot aan die lezers die met “maar wij zijn maar een klein bedrijf, wij hebben dat niet nodig” reageren. De rubriek “Pers” of “Media” wordt niet alleen gelezen door de pers gelezen. Ook potentiële gebruikers en sollicitanten gebruiken de informatie om inzicht te krijgen in jouw bedrijf!

→ 1 CommentCategorieën: Uncategorized
Tagged: , , , , , , , , , , ,

Nu ook op frankwatching

mei 30, 2008 · Geen Reacties

Vandaag is mijn artikel ook verschenen op frankwatching .

Hier, achter mijn bureau, heb ik wat wow’s en Yesss!! geroepen. Frankwatching is de nummer 1 op de top 100 van belangrijkste Nederlandstalige blogs over marketing en communicatie . Het verschijnen van mijn artikel op dit blog betekent dat ik mijn inzichten en ideeën met een groter lezerspubliek kan delen. En, ik zie het ook een beetje als erkenning (zegt hij met een glimlach ).
Voor de publicatie heb ik het oorspronkelijke artikel deels herschreven en aangepast aan de FW lezers.

Nu ik ben toe getreden als contibuting editor , zullen in de toekomst meer van mijn artikelen op Frankwatching verschijnen. Gaat dat zien!

→ No CommentsCategorieën: Uncategorized
Tagged: , , , ,

Wat kunnen Iens, SpecialBite en Lekker met internet?

mei 21, 2008 · 2 Reacties

Wat betekenen internet trends voor online restaurantgidsen?

Na een lange tijd van afwezigheid ben ik weer terug. Niet dat ik communicatieEncourgette was vergeten. Ik denk er iedere dag aan. De achterkant van enveloppen schrijf ik vol met ideeën. Sommige bezwijken op de weg naar het voltooien van een artikel. Andere halen niet eens de eerste alinea.

Het bijhouden van nieuwe ontwikkelingen op internet en deze vertalen naar relevante concepten voor onze klanten is de eerste taak die ik in mijn rol als creative consultant ga uitvoeren. Aangezien dit blog over food en online communicatie gaat, bekijk ik wat internet trends voor de grootste restaurantgidsen betekenen.

Dit is geen werk dat ik even op een maandagochtend tussen 9.00 en 10.00 uur aan de keukentafel doe. Er zit veel voorbereiding in en vervolgens is het zoeken naar de juiste vorm. Maar na de hele dag bezig zijn geweest met zaken die alleen maar kopzorgen geven, heb ik geen inspiratie om op zoektocht te gaan. Het zijn van die momenten dat je leeg bent maar toch met iets moet komen. Situaties waarin je ideeën aangereikt wil krijgen. Dat is eigenlijk het basisidee van alle vrijetijdsgidsen: tips krijgen. Er is een enorm aanbod. Natuurlijk zijn er ook gidsen die de keuze voor een restaurant vergemakkelijken.

Waarom dát restaurant?

Op de Nederlandse markt verschijnen drie grote restaurantgidsen: Lekker, SpecialBite en Iens. Alle drie zijn zowel op internet als op papier raadpleegbaar. Lekker is als enige van de drie in druk begonnen en wordt beschouwd als de Nederlandse variant van de Michelingids . Professionals bezoeken anoniem een restaurant en rapporteren aan de redactie waarbij kritisch wordt gekeken naar wat erop het bord komt en hoe gastvrij het bedienend personeel is. SpecialBite startte als een online gids voor leuke restaurantjes waar je niet alleen goed kan eten maar die er ook uitspringen wat betreft interieur en lokatie. De frisse vormgeving van de gids benadrukt dat nog eens. Tot slot, de grootste van de drie: Iens . Voluit Iens independent index, neemt alle eetgelegenheden op. Het is ook de enige gids waar alle recensies door de gebruikers worden geschreven. Net als SpecialBite is Iens op internet begonnen, maar al snel volgden de gidsen in druk.

Als oom Jan het niet weet: trend 1

Nu wordt ik door vrienden gezien als een foodie. Dat zou je niet verbazen als je mijn eerdere artikelen gelezen hebt. Ik laat mij geen kans ongelegen om groente- en fruitmarkten te bezoeken. En blader graag door foodmagazines. Daar lees ik ook welke restaurants redacteuren de moeite waard vinden en schrijf de meest interessante op in mijn agenda . Maar heb ik Iens, SpecialBite of Lekker bij mij als ik buiten mijn stad ga eten? Nee, eigenlijk niet. Daar kreeg ik spijt van toen ik onlangs in Utrecht was. Laat op de middag had ik afgesproken met een vriendin. Eerder die dag had ik een sollicitatiegesprek gehad en ik vertelde haar dat ik volgens de interviewer erg gedreven over kwam. Zo druk in gesprek, stelde ze opeens de “waar gaan we eten?”-vraag. Ik kom regelmatig in Utrecht en verdwaal er niet snel maar op dat moment zou ik willen dat ik mij had voorbereidt. Als foodie wil ik graag indruk op haar maken met een verassende keuze.

Hier komt deels het succes van restaurantgidsen vandaan. Mensen willen laten zien dat ze dé plekken kennen. Ze de weg weten naar restaurants met een verrassende kaart (normaal gesproken loop je er zo voorbij) of met een geweldig interieur (en het eten is ook niet mis). Mensen zijn op zoek naar meningen om zo een oordeel te vormen. Voorheen vroeg je vrienden, familie of de buren om een aanbeveling. Maar wat als hiervan niemand in Utrecht uit eten is geweest? De vele meningen op Iens, SpecialBite en Lekker van restaurantbezoekers zorgen er voor dat je een keuze kan maken. Een indruk krijgt van wat je kan verwachten. De website van een restaurant zegt niet alles. Een mening laat zien hoe het in werkelijkheid ervaren wordt. Over van alles kan je tegenwoordig een mening vinden. Kon in het verleden een merk een beeld creëren en zo bepalen welke boodschap overkwam, nu worden ervaringen met producten of diensten gedeeld in vergelijkingssites zoals Iens, SpecialBite en Lekker. En kun je zelf beoordelen of het geschetste beeld overeenkomt met de werkelijkheid.

Recensies overal kunnen raadplegen: trend 2

Ja, een restaurant aanraden waar we gaan eten?! Ik vraag of zij onlangs ergens van onder de indruk was. Het bleef stil. “Laten we gewoon gaan lopen en zien wat we tegenkomen”. Niet bepaald mijn recept voor succes, ik herinner mij eindeloze dwaaltochten door Rome waarbij we alleen toeristenrestaurants tegen kwamen (zij was hier niet bij). Soms kan het dwalen onverwachte resultaten hebben.

We liepen over het Domplein de Lange Nieuwstraat op om meer in het zuidelijk deel van de binnenstad te komen. Op nummer 71 zit Deeg. Lekker geeft een hele zakelijke omschrijving. Ik lees het adres, telefoonnummer, wie de eigenaren zijn en wat de gemiddelde prijs van een driegangen menu is. Informatie die alleen praktisch is, als je feitelijke informatie zoekt. Maar waarom zou je dat willen als je ook zo kan doorklikken naar de eigen site van Deeg? SpecialBite presenteert naast de zakelijke gegevens ook een interieurfoto en een beschrijving van de kaart. Een klik op lokatie, GoogleMaps opent zich en laat op de plattegrond zien wáár in Utrecht Deeg zit. Het redactionele stukje is verzorgt door één van de vijftig spotters die voor SpecialBite anoniem is wezen proeven. De opmerkingen van gebruikers lees je onder de “mening van anderen”. Iens is geheel gebaseerd op meningen. Aan de linkerkant staat praktische informatie en aan de rechterkant staan recensies die iedere bezoeker kan plaatsen. Ook hier is GoogleMaps geïntegreerd om te bepalen waar Deeg zich bevindt. Handige optie daarbij is dat ik ook gelijk kan aangeven waar ík ben, zodat ik een route krijg hoe ik gemakkelijk van A naar Deeg kom.

Een aantal jaren is te lezen dat internet zich uitbreidt van ons bureau naar ons mobiel. Steeds meer mobiele telefoons zijn geschikt voor internet. De informatie die SpecialBite en Iens leveren passen goed bij de trend waarin we alles opzoeken, vergelijken en bij de hand willen hebben. Onlangs zijn Iens en SpecialBite met een versie van hun site voor mobiel internet gekomen.

Als ik internet op mijn mobiel zou hebben, zou ik het nu gaan gebruiken. Forel met een uiencompote, asperges met gepocheerde ei en een aardappelkroket staan deze maand op de kaart. Nu mag ik de zachte smaak van forel graag en geserveerd met uiencompote vormt het een goede eenheid. Asperges, zeker nu het in het seizoen is, klassiek geserveerd met ei is ook een genot. Maar enthousiast worden we er niet van. Terwijl we doorlopen komen alternatieven ter sprake: wat is leuk en ook redelijk dichtbij? Iens en SpecialBite hebben dan wel een internetsite geschikt voor mijn mobiel, maar als ik het nu wil gebruiken, kom ik tot de conclusie dat ik alle recensies van restaurants in Utrecht moet lezen om te beslissen. Of scannen op adressen….. In beide gevallen ontbreekt GoogleMaps (of een andere kaartmaker). Het blijft hiermee een kopie van de papieren gids, maar dan op een klein scherm. Echte voordelen zouden de mobiele sites mij geven als SpecialBite mij restaurants kan aanbevelen in de buurt van Deeg (kijk eens op deze Duitse restaurantgids hoe dat eruit ziet). En waarom geef je ook niet de omgekeerde mogelijkheid: in plaats van een restaurant voer ik een straatnaam in en Iens komt met een overzicht van welke restaurants er in de buurt zitten? Recensies worden zo hyperrelevant en sluiten aan bij de behoefte van dat moment. Dat is volgens mij ook de essentie van marketing: oplossingen bieden voor “problemen” van jouw doelgroep.

Geef mij de mogelijkheid om jouw informatie zelf vorm te geven: trend 3

We moeten ook af van het idee dat producten, merken één homogene doelgroep hebben. SpecialBite komen met editie voor de zomer en Iens heeft regionale edities maar deze zijn nogal algemeen en niet zo zeer gedacht vanuit het gebruiksmoment. En al helemaal niet vanuit wensen van de doelgroep. Er is natuurlijk een bindend middel dat mensen kiezen voor SpecialBite boven Iens, maar iedereen beleeft dat anders. Geef je doelgroep de mogelijkheid om jouw product aan te passen aan zijn stijl of gebruiksdoel. Het “customizen” is the next thing in online marketing. Begin met het aanbieden van widgets. Dit is “een klein programmaatje dat het mogelijk maakt om veel uitgevoerde taken snel uit te voeren. Ook kunnen ze toegang bieden tot veel gevraagde informatie op internet” Toen ik er voor het eerst mee in aanraking kwam, begreep ik niet wat widgets doen. Iets voor geeks, dacht ik. Maar eigenlijk is het heel eenvoudig. Die YouTube video op je Hyvespagina of last.fmprofiel op jouw blog? Dat zijn widgets. In veel gevallen kan je het ook op je bureaublad instaleren. Populair zijn nieuwssites en de NS dienstregeling. Zonder naar de betreffende site te gaan, kan je snel iets opzoeken. Specialbite en Iens vergroten hiermee vele malen hun bereik en bieden met hun widget niet alleen gemak maar geven foodies ook de mogelijkheid om zich te profileren. Nederlandse foodwidgets heb ik nog niet gezien, daarom hier een Amerikaans voorbeeld

Welke waarde heeft de mening van Ellen?: trend 4

Een widget plaatsen op jouw Hyves pagina maakt je zichtbaar voor je vrienden. Maar niet alle vrienden delen jouw interesse. Je kan je lid worden van de SpecialBite Hyves maar verwacht daar geen discussie of onderlinge delen van tips. Er gebeurt weinig en het is SpecialBite die er content plaatst.
De laatste jaren is er in de online marketingwereld veel aandacht voor de zogenaamde niche sociale netwerken. Denk aan een Hyves, Myspace maar dan rond een bepaald thema. Een mooi voorbeeld vind ik librarything (.nl en .com): laat zien wat je leest en Last.fm : laat zien wat je luistert. Maar laten zien waar je eet en wat je eet, zo ver zijn we hier nog niet.
In de Verenigde Staten is onlangs eats.com van start gegaan. Je maakt een profiel aan en nodigt vrienden uit. Zodat je kan zien waar je vrienden uit eten gaan. Maar je kan ook zien wie Gramercy (Union Square, New York) net als jij hoog waardeert . Het Britse trustedplaces.com geeft een vergelijkbare mogelijkheid en ook menumania.co.nz doet hetzelfde alleen in een beperkte vorm.

Door de opkomst van sociale netwerken ( we noemen ze ook wel “communities”) ontstaat er een nieuwe manier om status te creëren. Voorheen kreeg je dat door in die Porsche 911 te verplaatsen of dat Tag Heuer horloge te dragen. En velen denken dat nog steeds. Maar het kan anders, meer eigen waarbij je het merk niet nodig hebt om gezien te worden. Hoog scoren in communities op het aantal vrienden, aantal commentaren, recensies en reacties doen je status stijgen. Vooral in jouw kring. Een bekend voorbeeld in de foodwereld is het blog van Clotilde Dusoulier chocolateandzucchini.com Eens begonnen om haar vrienden lastig te vallen met haar culinaire ontdekkingen, schrijft ze nu boeken, houdt presentaties en dergelijke. Deze ontwikkeling is nog niet te zien bij de Nederlandse restaurantgidsen terwijl voedsel altijd een statusmiddel is geweest . Onder de recensies van Iens staan namen maar je kan niet zien welke restaurants Marc nog meer heeft beoordeeld. Of zijn profiel lezen. SpecialBite werkt, net als Lekker, met anonieme proevers. Maar wie het zijn en wat hun achtergrond is, is onduidelijk.

Voor altijd een trend

Maar hoe liep het verder af in Utrecht? Het was mooi weer die avond en dus wandelde we rustig door en droomden over de statige panden waar we voorbij liepen. We waren inmiddels op de Kromme Nieuwegracht. Hier zie je weinig uithangborden van een bierbrouwer die je erop wijzen dat er horeca is.
In mijn agenda maak ik regelmatig aantekeningen van allerlei dingen die in mijn hoofd opkomen of dingen die ik lees en niet wil vergeten. Daar stond ook de plaats tussen waar we uiteindelijk zijn gaan eten. Ook in mijn agenda staan enkele ideeën voor het volgende artikel in de creative consultant serie: hoe kan ik de trends vertalen naar de positionering van SpecialBite, Iens en Lekker?

De afronding

Is het artikel nu afgelopen? Nee,… bijna. Ik heb nog een toegift.
De beschreven voorbeelden gaan er allemaal van uit dat je een restaurant of een lokatie weet. Wat als je nu een favoriet gerecht hebt en, wat toevallig, je bent in San Franscisco? Met dishola.com kun je aan de hand van ingrediënten een restaurant kiezen en reviews lezen. Kies eens St. Jacobsschelpen (scallops). Maar de fishstew van Barbara is toch niet waar je naar uitkijkt, ondanks de smakelijke foto. Waar kan ik nog meer goed vis eten? Met Menupix.com vind je restaurants, reviews en de menukaart.
Dat zou ik wel eens willen testen. Iemand naar San Francisco deze zomer?

Eerdere afleveringen van de creative consultant verschenen hier en hier

→ 2 CommentsCategorieën: Uncategorized
Tagged: , , , , , , , , , , , , , , , , , ,

identiteit

april 10, 2008 · 1 Reactie

Is mijn blog onderscheidend? Vanochtend werkte ik aan een binnenkort te verschijnen artikel. Hierin schrijf ik over mijn eerste taak die ik als creative consultant uitvoer. Internet trends vertalen naar bruikbare ideeën voor een fictieve opdrachtgever. Regelmatige lezer, het zal je niet verbazen dat deze met food te maken heeft.
Trends, een bedrijf of persoon volgt ze en past ze toe om eigentijds over te komen. Maar niet elke trend past. Juist wanneer het niet past, valt het op. Een merk moet alleen met een trend meegaan, als het bij zijn identiteit past. Het beeld versterkt. En terwijl ik aan het schrijven was, dacht ik aan mij eigen blog. Hoe herkenbaar is het?

→ 1 CommentCategorieën: Uncategorized

Waarom is Schweppes Burst een succes?

maart 18, 2008 · 1 Reactie

De nieuwe commercial voor Schweppes , gemaakt door het Australische Y&R/Melbourne wordt door vele blogs gelinkt. Op zoek naar wat achtergrondinformatie, zie ik dat er veelal alleen een link is geplaatst of een “click and play”. Sommige herhalen het persbericht: “The ‘Burst’ campaign consists of five videos using slow motion cameras at 10,000 frames per second to capture the final moments in the trajectories of water balloons”. Op geen van de blogs las ik waarom zij linken, waarom zij deze commercial zo mooi vinden. Is het omdat het technisch goed in elkaar zit? Dat vind ik ook maar ik kijk niet op een “technische”wijze naar commercials.
De oogstrelende uitvoering valt als eerste op. De rustig voorbijkomende beelden met de muziek van Cinematic Orchestra brengen je even in een andere wereld. Laten je tot rust komen en genieten van de mooie beelden. Pas aan het eind wordt duidelijk dat het een commercial is voor een bubbelende frisdrank. Dat maakt het een plezier om naar te kijken. Mooie beelden zonder dat Schweppes zich opdringt. Door bijvoorbeeld in elk beeld een fles of glas met logo te laten zien. Ik denk ook dat dit de beste marketing is: er zijn zonder je op te dringen.

N.B.: in dit interview vertellen de makers meer over de tot totstandkoming van deze commercial.

Update: Paul Isakson heeft een goed artikel geschreven waarin hij deze commercial bewondert, maar ontdekt dat het gevoel niet wordt doorgezet in de communicatie van Schweppes. Erg jammer.

Tags:
Tags:
Tags:
Tags:
Tags:
Tags:

→ 1 CommentCategorieën: Uncategorized
Tagged: , , , , , ,

Op zoek naar een betere bereiding van witlof

maart 11, 2008 · 2 Reacties

Ook ik, met mijn passie voor ingrediënten, moet mij soms over drempels heen trekken. Veel koks en kookliefhebbers vertellen graag dat hun liefde voor het koken komt door hun moeder. Of hun oma. Wanneer ik over de markt loop en zie dat witlof overvloedig aangeboden wordt, dan denk ik niet terug aan mijn jeugd.

Opgegroeid met de traditionele hollandse pot kwam in de maanden februari en maart witlof op tafel. Altijd gewikkeld in ham en bedekt met gesmolten Goudse kaas. Niet alleen was de witlof te gaar gekookt, waardoor de “crunch” geheel verloren ging. Ook was het te nat, doordat de witlof samen met het aanhangende kookwater geserveerd werd.

Zulke herinneringen weerhouden je om enthousiast te worden als je deze groente uitgestald ziet liggen op de markt. Er moet toch meer mogelijk zijn? Hoe zou de iets bittere smaak beter tot zijn rechtkomen? En hoe voorkom ik dat de “crunch” niet verloren gaat?

Witlof is een witte sigaarvormige groente met een gele top. De oorsprong ligt in België, waar het rond 1850 voor het eerst verbouwd werd. Samen met Nederland is België de grootste producent van Europa. Witlof heeft een licht bittere smaak en kan zowel rauw als gekookt gegeten worden. Koop witlof zo vers mogelijk. Let hierbij op een frisse blanke kleur en een lichtgele top. Verkleuringen duiden erop dat de groente al wat ouder is. Na de oogst verliest het al snel zijn kleur en smaak. De bladen drogen uit en vallen slap. Daarmee verliest het zijn “crunch” en wordt de smaak meer bitter. Bewaar witlof thuis op een koele, donkere plaats.

Wanneer hier deze groente op zo’n grote schaal verbouwt wordt, dan verwacht je dat de lokale bevolking er wel allerlei bereidingswijze voor gevonden heeft. Dat valt tegen: in Nederland staan de hamrolletjes veruit op de eerste positie. Als garnering voor de jaren zeventig klassieker, de garnalencocktail, scoort de witlof ook hoog. Is dat alles, er moet toch meer mogelijk zijn?

Daarom blader ik door tijdschriften en struin ik markten af. Vooral in het buitenland zoek ik inspiratie. Ik wil nieuwe indrukken opdoen. Ook menukaarten van restaurants ontgaan mij ook niet. Ik ben op zoek naar eenvoudige lokale of nationale bereiding. Witlof gerold in ham blijkt niet alleen voor te komen in de traditionele Hollandse keuken, ook onze buurlanden bereiden het graag zo. Waar ik een andere manier vind om witlof te verwerken is Frankrijk. Ja, ik weet het. Weer Frankrijk. Door mijn verblijf kom ik hier het meest in contact met nieuwe bereidingswijzen.

Witlof wordt in Noord Frankrijk verbouwt en veelal verwerkt in salades. Begrijpelijk wat zo blijft de “crunch” het best bewaard en ook de eigen smaak blijft behouden. Fransen combineren het met walnoten en roquefort. Of met gerookte zalm. Of met appel en gerookte eend. Ik zag ook eens een groentetaart van witlof met roquefort uit de oven gevuld met gehakt.

In België viel mij witlof gestoofd in witbier op. Maar ook in Nederland raakte ik geïnspireerd. Er was een tijd dat ik voor zaken regelmatig naar Utrecht ging. Gemakshalve spraken we af in La Place, op de bovenste verdieping van V&D Utrecht. Het is er ruim (twee “etages”) en je wordt er met rust gelaten zodat we ongestoord aan het werk konden. Hier wordt witlof bereidt, zoals ik het graag in mijn jeugd had willen eten. Gehalveerde witlof die kort gekookt is en vervolgens gegrild.

Dit effect bereik je door de witlof kort in kippebouillon te koken met wat citroensap (zo voorkom je dat het niet verkleurt). Laat vervolgens goed uitlekken. Halveer de witlof en bak ze goed knapperig op een grilpan. Niet alleen behoudt de witlof zo zijn “crunch”, de licht bittere smaak verdwijnt niet in het kookwater of wordt overdonderd door kracht van Goudse kaas. Als variant op de Hollandse klassieker kun je in plaats van ham gerookte zalm erbij serveren, of er omheen gewikkeld.

Update: Nog even op zoek naar een link, ontdekte ik dat Marieke Dubbelman ook een aardig artikel schrijft over witlof (en vind dat je ‘m een kans moet geven..).

→ 2 CommentsCategorieën: Uncategorized
Tagged: , , , ,

Waarin ik de creative consultant profileer en mijzelf de eerste taak geef

februari 13, 2008 · 2 Reacties

Het sollicitatieproject web2.0 vervolgt zich. Het begon met één vacaturetekst die mijn aandacht gevangen had. Maar na een snelle zoekopdracht in een zoekmachine bleken er meerdere creative consultants gezocht te worden. Ik vind er drie, die ik kopieer en combineer tot één tekst. Dubbele omschrijvingen haal ik eruit.

Waarom lopen zinnen in vacatures zo slecht? Of zijn ze krampachtig geformuleerd? Of spreken ze elkaar tegen. We zoeken iemand die én ‘hands on’ én analytisch én pragmatisch is. Wanneer de creative consultant niet handelt zoals verwacht wordt, krijgt hij te horen: “Ik had meer van je analytisch vermogen verwacht, NIET ‘pragmatisch’ !” Probeer dan maar eens “onder alle omstandigheden een motiverende teamworker” te blijven. Want dat moet je ook zijn. In de stukken van Bas van Haterd lees ik regelmatig dezelfde verbazing.

De eindversie van de vacaturetekst van waaruit ik mijn project ga starten ziet er zo uit:

Creative consultant

Verantwoordelijkheden, taken en bevoegdheden

Verantwoordelijk voor de vertaling van de marketingstrategie en positionering van een organisatie naar een creatief online concept.

Hierbij werk je nauw samen met de grafisch ontwerpers en interactie ontwerpers

Je hebt intensief overleg met klanten om op een zo’n goed mogelijke wijze hun wensen en eisen om te zetten in een weldoordacht concept.

Je organiseert en leidt brainstormsessies of workshops voor, bij en met klanten

Je presenteert of pitched op overtuigende wijze de ontwikkelde concepten aan de klanten

Je bent een trendwatcher: je houdt nieuwe ontwikkelingen op internet bij en vertaalt deze naar relevante concepten voor onze klanten.

Profiel

Je hebt HBO, Kunstacademie of WO gestudeerd. Je achtergrond ligt duidelijk op het creatieve vlak of op het gebied van marketing en communicatie.

Minimaal 5 jaar ervaring in een creatieve/marketing functie voor print en/of digitale media voor gerenommeerde klanten waarbij je tenminste 2 jaar ervaring bij een internetbedrijf hebt opgedaan.

Je hebt een brede kennis van het medium internet op verschillende gebieden: user experience, visual design, interactie ontwerp en online marketing.

Een geoefend oog voor vormgeving, layout, kleurgebruik en copy. Je beschikt over een goede beheersing van de Nederlandse taal in woord en geschrift.

Aantoonbare ervaring met grote, complexe websites (en webapplicaties) bij A-merken.

Je bent daardoor zeer goed op de hoogte van de achterliggende technieken en processen zodat hetgeen je bedenkt ook realiseerbaar is.

Ervaring in het goed laten verlopen van projecten en accounts.
Het vermogen om het projectteam aan te sturen waarbij je inhoudelijk en constructieve feedback kan geven.

Je hebt ervaring met pitchen: het presenteren en verdedigen van concepten en ontwerpen bij opdrachtgevers.

Inspirerend, stimulerend en betrouwbare gesprekspartner voor interne en externe contacten.

Communicatief, stressbestendig, zelfstandig en onafhankelijk, resultaatgericht.

Een stevige functie. Sommige taken heb ik nog nooit onder handen gehad. Maar dat weerhoudt de fictieve creative consultant, die ik ben, niet. Ik kan ervaren hoe het is en misschien levert het jullie wat leedvermaak op. In de volgende post ga ik aan de slag. Mijn eerste opdracht is als trendwatcher ontwikkelingen op internet signaleren, de zesde taak uit de vacaturetekst.

→ 2 CommentsCategorieën: Uncategorized
Tagged: , , ,

Is dit een sollicitatie? Wel heel erg web2.0!

februari 1, 2008 · Geen Reacties

Dit is wat ik tegenkwam.
“Heeft de online wereld voor jou geen geheimen meer? Bezit je over een flinke dosis online ervaring en weet je deze aan te wenden om samen met de opdrachtgever tot succesvolle internetconcepten te komen? Dan ben jij de Creative Consultant die wij zoeken. Als Creative Consultant benader je online oplossingen vanuit een breed perspectief. Je ziet voortdurend de ontwikkelingen op het web en vertaalt dit naar mogelijkheden en oplossingen voor klanten. Je levert zo een strategische en tactische bijdrage om online doelstellingen van verschillende grote ondernemingen te halen”.

Dit werk zou mijn baan zijn. Bedenken hoe een organisatie beter of anders met zijn doelgroepen online in contact kan treden. Wat mij vooral aanspreekt is het breed kijken naar de mogelijkheden, het volgen van ontwikkelingen op internet en dat vertalen naar mogelijkheden.

De functie is maat XL terwijl ik maar een S ben, misschien een kleine M.
Ik ben geen onbekende met de online media lingo . Ik lees de blogs en ken de namen. In tegenstelling tot wat ik onlangs las. Maar diep gewortelde ervaring op de juiste plekken, ja dat is nou het probleem.
Maar als de berg niet naar Mohammed komt, zal Mohammed naar de berg moeten gaan.

Het plan is als volgt. Ik wordt die creative consultant. Aan de hand van het profiel, ga ik aan de slag met fictieve opdrachten. Mijn verslag lees je hier. Ik ga hierbij gebruik maken van de mogelijkheden die blogs bieden. Dat betekent dat ik jou, beste lezer, erbij betrek. Elke keer als ik mijn bevindingen post, vraag ik om jouw commentaar en advies. Dat kan als altijd via de comments.

Voordat al die comments en emails binnenstromen met job offers en ik een secretaresse nodig heb om ze te verwerken: Creative Consultant worden is niet mijn ultieme droom maar de combinatie van taken intrigeert mij.

* Voor wie zich afvraagt wat web2.0 is, lees er hier meer over.

→ No CommentsCategorieën: Uncategorized
Tagged: , , , , , ,

Maak je eigen architectuur reisgids met Mimoa

januari 7, 2008 · 5 Reacties

Op Mimoa is veel informatie te vinden over moderne architectuur in een groot aantal Europese steden. Niet alleen beschikt deze site over bouwkundige achtergronden maar, heel prettig, er wordt ook praktische informatie gegeven waar het zich bevindt (via Google maps), hoe er te komen en of het al dan niet toegankelijk is voor publiek. Maar wat de site echt bijzonder en onderscheidend maakt, is dat je elke pagina kan selecteren om er zo een persoonlijke “reisgids” mee samen te stellen. Deze is vervolgens als pdf te downloaden.

Eerder schreef ik dat ik gedreven wordt door nieuwsgierigheid. Daarom, denk ik, dat reizen mij zo aanspreekt. Het is een ontdekkingstocht. Na een paar dagen zwerven door een nieuwe stad weet ik de leuke plekken te vinden. Maar om ze te vinden of op het spoor te komen, bereid ik mij voor. Ze verschijnen nauwelijks zomaar op mijn pad. Ik scan vele reisgidsen en ter plekke pak ik allerlei magazines mee.

Wanneer ik in een vreemde stad ben, dan is de architectuur is sfeerbepalend, het zegt iets over de omgeving. Dat fascineert mij. Ik wil meer weten over de gebouwen die ik zie, maar wil niet met tig boeken op pad om het allemaal te beleven. Met Mimoa kan ik enkel die ontwerpen selecteren die ik interessant vind en zo mijn eigen op maat gesneden gids samenstellen.

Als communicatiedeskundige vind ik dit soort sites ook interessant. Hoe gemakkelijk is de site te gebruiken om tot het resultaat te komen. Als ik, als bezoeker, eenvoudig een gids kan aanmaken, dan kom ik terug. Dat is wat ik, als site-eigenaar zou nastreven: een “fanclub” opbouwen en vasthouden. Dus: hoe makkelijk werkt Mimoa?

Mimoa.eu is redelijk snel geladen. De site heeft een mooie, eigentijdse vormgeving. De voertaal is Engels waardoor het een internationale uitstraling heeft. Daarmee is duidelijk dat de doelgroep niet beperkt wordt tot Nederlandssprekenden.
Mijn oog wordt gelijk getrokken naar een grote foto van een beschreven ontwerp rechts op de pagina. Daardoor valt de inleiding links onder minder op. Hier introduceren Mieke en Naomi de sterke punten van hun site. Dit zou best een wat prominentere plaats mogen krijgen. De inleiding is eenvoudig, zonder lange verhalen hoe geweldig zij zijn en wat voor een fantastische site ze hebben. Op de kolom naast de introductie zie ik een link naar een voorbeeld hoe een reisgids eruit kan gaan zien. Zo’n voorbeeld overtuigt mij meer dan een grote hoeveelheid woorden en zou ik als link ook in de introductie opnemen.

Voordat je aan de slag kan gaan is registratie nodig. Nu doe ik dat nooit voordat ik weet wie achter een site zit. Dat is gelukkig eenvoudig te vinden, net zoals de contact informatie. Twee TU Delft architecten (Mieke en Naomi) uit Utrecht die een passie hebben voor hun vak: ze zijn altijd op zoek naar nieuwe architectuur maar missen regelmatig praktische informatie.

Nadat ik een mail heb gekregen dat mijn registratiegegevens verwerkt zijn, kan ik inloggen om “mijn pagina” aan te maken. Hier kan ik een nieuw “project” beginnen door foto’s te uploaden van een nieuw kunstwerk en de nodige informatie toevoegen. Het past geheel in de hedendaagse ontwikkelingen op internet waarbij mensen informatie plaatsen en delen (‘user generated content’). Wikipedia en YouTube zijn daar andere bekende voorbeelden van.

Ik besluit om niet aan een nieuw project te beginnen, maar begin te zoeken in reeds gepubliceerde projecten. Op de kaart selecteer ik Nederland. Ik krijg vervolgens een lijst met alle beschreven gebouwen in Nederland met een kleine afbeelding ernaast. We gaan hierbij kriskras door ons land. Prettiger had ik het gevonden als er gesorteerd werd op stad en daarna op naam van het ontwerp. Overigens kan je wel op stad selecteren via het pulldown menu in de kaart.

Willekeurig kies ik een gebouw en na een klik kom ik op de pagina waar een korte toelichting te lezen is en wat praktische zaken. Om deze op te nemen in mijn gids klik ik op “mi guide” en een pop-up verschijnt. Aangezien ik nog geen gidsen heb aangemaakt, creëer ik er één. Ik keer terug naar mijn persoonlijke pagina. Hier staat mijn zojuist aangemaakte gids, welke ik opsla als pdf. Als ik ‘m vervolgens open staat alle informatie er netjes in, behalve de plattegronden. De makers van de site schrijven dat ze geen toestemming hebben voor het verspreiden van de plattegronden van Google Maps. Jammer, nu heb ik toch een plattegrond nodig als ik op pad ben. Maar het kan ook via een omweg. Log in op Google Maps met je Google account en knip en plak vervolgens de kaart in je pdf.

Mimoa laat zich eenvoudig gebruiken en de inhoud is voldoende informatief. Dat ik alleen die kunstwerken kan kiezen die ik wil opnemen en vervolgens als pdf kan printen zie ik als een grote plus. Dat ik vervolgens via een omweg de kaarten van Google moet toevoegen is niet zo’n probleem.

Heb je een mobiel met internettoegang dan is dit helemaal geen issue. Je roept je eigen pagina op en krijgt alle informatie op het scherm. Graag had ik ook dat willen onderzoeken maar mijn mobiel komt nog uit een tijdperk dat mobiel internetten nog erg in ontwikkeling was. Misschien kunnen Mieke en Naomi van Mimoa er meer over vertellen?

Tot slot wil ik alle lezers en bezoekers van CourgetteEncommunicatie een heel goed 2008 wensen. Ik weet dat het wat laat is. Mijn voornemen is om dit jaar wat regelmatiger te posten. Ik ben momenteel nog op zoek naar de juiste vorm en manier.

→ 5 CommentsCategorieën: Uncategorized
Tagged: , , , , , ,